Vergeet het idee dat je creatiever bent als je een leeg hoofd hebt. Als er weinig opmerkelijks gebeurt, heb ik weinig inspiratie. Maar als ik veel mensen spreek of informatie zoek, vliegen er tientallen interessante gedachten door mijn hoofd.
Staren in de vlammen van een haardvuur of een rondwandelingetje maken, gelden als beproefde methoden om nieuwe ideeën aan te wakkeren. Maar in de praktijk barsten die ideeën pas echt los bij een wandelingetje als het brein gevoed is met een uitdagende gedachte of dilemma. Inspiratie komt nooit zomaar uit het niets.
Onbekommerd ‘lummeltijd’ invoeren voor je medewerkers heeft dus niet zoveel zin als het daarbij blijft. Wel kunnen organisaties een inventief klimaat bevorderen, bijvoorbeeld door een inspirerende vraagstelling te formuleren. Ook cursussen en creatieve sessies verhogen de bewustwording in de organisatie. Daardoor komt vaak een kettingreactie op gang, waarbij het ene idee de bouwsteen is voor de andere.
Waar vind je nu die prikkeling die de ideeënstroom op gang brengt? Kunstenaars hebben daar ervaring mee. Picasso dompelde zijn geest volledig onder in een onderwerp of kleur. Als hij volledig opgeladen was, liet hij het even liggen. Achter zijn schildersezel stroomden daarna de vormen en kleuren er vanzelf uit.
Ook jazzmusici weten dat je een basisschema nodig hebt om los te gaan met muziek. Je kunt immers niet improviseren vanuit het niets. Ook voor de ontwikkeling van een idee, is het slim om snel een basisstructuur te schetsen met steekwoorden of tekeningetjes. Zo heb je een startpunt. Met die basis begin je te spelen en te variëren. Ook kun je het toeval een kans geven voor een startpunt, bijvoorbeeld door vrij rond surfen op internet of een woordenboek openslaan op een willekeurige bladzijde.
De slotconclusie van dit artikel is duidelijk. Zoek een beginnetje.